tickets

Henk Westerveld

(Aalten, 1922)

lid 1e compagnie DNB

Ze helpen de Canadezen om samen de rest van Nederland te bevrijden

Hendrik Willem (Henk) Westerveld wordt geboren op 17 september 1922. Zijn ouders zijn Arent Jan Westerveld (1891–1958) en Berendina Somsen (1896–1981). Vader Westerveld komt uit Dale van boerderij Lammers. Bij het uitbreken van de oorlog bestaat het gezin uit vader, moeder en de kinderen Henk, Jan, Drika en Mien (in het gezin is ook nog een levenloos kind geboren).

Het protestantse gezin (gereformeerd) heeft houvast aan het geloof en kerkgang is belangrijk. Zij bezoeken de Westerkerk In Aalten. De kinderen volgen het onderwijs aan de Chr. Nationale School Lintelo (later de Klimop). Het gezin woont op boerderij de Kemper aan de Halteweg (Lintelo 158, later omgenummerd naar Wolterinkweg 5 en vervolgens Halteweg 15a).

Henk is 18 jaar als de oorlog uitbreekt en als oudste zoon is hij de beoogde opvolger op de boerderij. Zijn zusje Drika hangt samen met haar moeder buiten de was op aan de droogdraad als er vliegtuigen vanuit Duitsland komen overvliegen. In de eerste jaren van de oorlog veranderde er nog niet zoveel in het dagelijkse leven.

Wel komen aan het begin van de oorlog (in de zomervakantie) kinderen uit het gebombardeerde Rotterdam naar Aalten. Zondags, tijdens de kerkdienst, is een oproep gedaan om kinderen voor een aantal weken thuis op te vangen. Vader Westerveld gaat op de dag van aankomst naar het station in Aalten en neemt twee kinderen van het gezin van Zanten mee (Corry en Fred). In de vervolgjaren komen nog meer kinderen van de familie Van Zanten naar boerderij de Kemper. Mien, het andere zusje van Henk, vindt het leuk om de kleinsten te bemoederen. Tegen het einde van de oorlog komt Fred van Zanten met zijn vriendin Corry (toevallig dezelfde naam als zijn zus) naar de Kemper. Hij zegt dat hij met Corry getrouwd is maar vader Westerveld gelooft daar niets van en stuurt Fred naar de buren waar hij kan slapen.

Behalve deze kinderen uit Rotterdam zijn er ook meerdere onderduikers op de Kemper, soms wel twaalf tegelijk. Ook Joodse onderduikers zijn er welkom, zoals Bernard Leezer en Helga Oppenheim.

Uit de verhalen van Drika blijkt al rap dat het niet zo eenvoudig is, al die verschillende ‘nationaliteiten’ in geloof en levensovertuiging onder één en hetzelfde dak.

Inkwartiering van Duitse soldaten

Als er Duitse soldaten worden ingekwartierd op de Kemper, veroorzaakt dat nogal wat spanning. Dat was zeker zo bij de inkwartiering van een hoge Duitse officier. De soldaten hebben voor hem een slaapplek in de kelder gemaakt. Zo zou de officier op een veiliger plek overnachten. Zelf slapen ze elders in de boerderij. Het verhaal gaat dat daarvoor het bed van opa en oma van de opkamer is verplaatst naar de kelder. Het bed is op grote Keulse weckpotten gezet. De officier en de soldaten hebben zo de nacht op de Kemper doorgebracht. Het gezin heeft doodsangsten doorstaan vanwege het gevaar dat de onderduikers ontdekt worden. Gelukkig heeft de officier een goede nacht en trekken de militairen de volgende dag weer verder.

Eén van de Duitse soldaten is Willy Karle (parachutist en getraind in springen en vallen). Buurman Jan Somsen van boerderij Wolterink (destijds nog een jongen) heeft in een eerder interview verteld dat deze Willy uit het luik van de hooizolder naar buiten sprong. Later is deze Willy ‘gaan stiften’ (deserteren) en elders in Lintelo gaan onderduiken. Na de oorlog trouwt hij met een meisje uit Lintelo en woont daarna aan de Schooldijk.

Zowel Henk als Jan Westerveld zijn in de leeftijd dat ze zich moeten melden voor de Arbeitseinsatz. Ze zijn niet van plan zich te melden maar worden tijdens het dorsen in de schuur aan de overkant, ontdekt door de Duitsers en meegenomen.

Dezelfde Jan Somsen (van Wolterink) ziet, als hij uit school komt, dat Henk en Jan Westerveld door de Duitse soldaten onder schot worden afgevoerd. Ze moeten werken in Duitsland, net over de grens bij Megchelen. Zus Drika gaat er op de fiets naar toe om spullen te brengen (kleding en eten). Ze moet zich nog haasten om vóór Sperrzeit terug te zijn. Volgens zowel Henny Navis als Herb Westerveld hebben ze ook in kamp Amersfoort gezeten, maar op de lijst van dit kamp komen ze (nog) niet voor. Ze worden uiteindelijk te werk gesteld bij een boer(en) in Duitsland; ze hadden het slechter kunnen treffen.

Zoon Herb denkt dat Henk in het verzet zat maar daar heeft hij niet veel over gesproken. Zijn neef, vriend en buurjongen Jan Somsen van boerderij ‘De Snieder’ zat in het verzet en samen sloten ze zich na de bevrijding aan bij het Dutch National Battalion (DNB). De legitimatiekaart van Henk is altijd bewaard gebleven. Hij wordt ingedeeld bij de 1e compagnie en maakt deel uit van de sectie waarin meerdere buurtgenoten zijn aangesloten zoals Jo Lensink, G. Prinsen, Gradus Diepenbroek en Bernard Fukkink. Ze helpen de Canadezen om samen de rest van Nederland te bevrijden.

Na de capitulatie in mei is er steeds minder te doen voor de militairen. Er is een mogelijkheid om bij te tekenen en andere werkzaamheden op te pakken, zoals deelname aan de Mijnopruimingsdienst. Maar meerdere leden van het DNB voelen niets voor verlenging van hun verbintenis. In het boek het Vergeten Bataljon, pagina 153, staat daarover het volgende vermeld, opgetekend uit het dagboek van Jo Lensink en Bernard Fukkink op 11 juni 1945: “Verschillende jongens wilden niet tekenen en pakten hun boeltje om het in te leveren. Tegen twaalf uur werd afscheid genomen van onze vrienden, wat ons zwaar viel. G. Prinsen, B. Fukkink, G. Schuurman, H. Westerveld en G. Diepenbroek vertrokken van onze sectie. Er is thuis op de boerderijen genoeg werk te doen.”

Na de oorlog

Na de oorlog wordt de draad van het gewone leven weer zo snel mogelijk opgepakt. Er wordt weinig over de oorlog gesproken; wat geweest is, is geweest. Mogelijk ook omdat sommige gebeurtenissen te pijnlijk zijn om over te spreken. Henk gaat thuis op de boerderij aan het werk. De verstandhouding tussen Henk en zijn vader staat regelmatig onder druk, alhoewel de buitenwereld dat vaak niet doorheeft.

Henk neemt samen met zijn verloofde Hanna Rensink (van boerderij ’t Heegt in Lintelo) een ingrijpend besluit. Ze gaan emigreren naar Canada om daar een bestaan op te bouwen. Ze trouwen op 24 maart 1949 en op 22 juli 1949 vertrekken ze met de SS Tabinta naar Québec in Canada waar ze op 2 augustus 1949 aanmeren. Samen bouwen ze in Terra Cotta Ontario een agrarisch bedrijf op en krijgen drie zoons. Helaas komt één van de zoons door een ongeval om het leven. Momenteel is de derde generatie aan de slag op de farm.

Henk overleed op 27 mei 2000 in Terra Cotta, Ontario, Canada.

Henk Westerveld

Henk Westerveld