De kerkrazzia in Aalten, 1944

Berkenhovestraat in Aalten tijdens de kerkrazzia op zondag 30 januari 1944.
Op zondag 30 januari 1944 vond in het Gelderse Aalten een van de meest schokkende gebeurtenissen van de Tweede Wereldoorlog plaats: de kerkrazzia. Terwijl de gelovigen in de banken zaten, omsingelde de Duitse bezetter de kerkgebouwen. Het doel? De jacht op jonge mannen voor de gedwongen tewerkstelling in Duitsland.
De razzia was minutieus voorbereid door de Duitse bezetter. Terwijl de diensten in de Christelijk Gereformeerde Kerk en de Gereformeerde Westerkerk aan de gang waren, werden de gebouwen omsingeld door de SS. De focus lag op mannen in de leeftijd van 18 tot 23 jaar.
Ondanks pogingen van de predikanten en organisten om de dienst te rekken — zodat mannen zich konden verstoppen in de klederdracht van Scheveningse evacuees of via geheime luiken — werden 48 mannen opgepakt.
Van de Achterhoek naar de kampen
De weg die de gevangengenomen Aaltenaren moesten gaan, was verschrikkelijk. Na een kort verblijf in de Koepelgevangenis in Arnhem, werden de meeste mannen afgevoerd naar Kamp Amersfoort. Voor velen was dit slechts het begin van een lijdensweg die hen diep Duitsland in voerde, naar concentratiekampen zoals Neuengamme en krijgsgevangenis-sites zoals Sandbostel.
- Slachtoffers: Vijf mannen overleefden de ontberingen, bombardementen en dodenmarsen niet.
- Impact: De overlevenden keerden vaak terug met zware trauma’s (het Concentratiekamp Syndroom) en fysieke gebreken zoals TBC.
De unieke positie van Aalten als onderduikdorp
De kerkrazzia in Aalten was uniek omdat het de eerste keer was dat de nazi’s een gebedshuis schonden voor een massale arrestatie. Het nieuws haalde zelfs The London News, dat op 14 februari 1944 schreef: “AALTEN: Bij het uitgaan van de kerk werd een razzia gehouden. 50 ondergedokenen liepen er in! Ook een kerkgang is dus niet meer veilig. Men blijve thuis, al zal dat velen zwaar vallen.” Vanaf dat moment gingen onderduikers niet meer ter kerke.
Aalten stond destijds al bekend als een dorp met een enorm aantal onderduikers (op een bevolking van 13.000 mensen waren er zo’n 2.500 onderduikers). Deze gebeurtenis sloeg dan ook een diepe wond in de hechte gemeenschap, waar het verzet en de hulp aan medemensen centraal stonden.
Herdenken in het Nationaal Onderduikmuseum
Vandaag de dag houdt het Nationaal Onderduikmuseum in Aalten de herinnering aan de razzia van 30 januari 1944 levend. De verhalen van mannen zoals organist Gert Nobel en Jan Tolkamp worden hier bewaard om toekomstige generaties te leren over de waarde van vrijheid en de gevaren van uitsluiting.
In de Oosterkerk in Aalten herinnert een bijzonder gedenkraam, geschonken door voormalige onderduikers, nog altijd aan de Bijbelse oproep: “Verbergt den verdrevene en meldt den omzwervende niet.”






