tickets

Jan Somsen

(Aalten, 1920)

lid 1e compagnie DNB

Militair en Verzetsstrijder in de Tweede Wereldoorlog

Arent Jan (Jan) Somsen werd geboren op 18 mei 1920 en groeide op in Lintelo op boerderij ‘De Snieder’, als zoon van Frederik Jan (Freek) Somsen en Hendrika Wilhelmina (Drika) Tammel. Hij had een zus, Riek. De familie woonde samen met een tante op de boerderij. Jan was bevriend met zijn neef Henk Somsen, die op een naburige boerderij woonde.

In 1940, vlak voor het uitbreken van de oorlog, werd Jan opgeroepen voor militaire dienst. Als boerenzoon met ervaring met paarden werd hij ingedeeld bij de huzaren van het 4e Depot Cavalerie en opgeleid als motor-ordonnans. Hij werd gelegerd in de Alexanderkazerne, nabij het legerkamp Waalsdorp in de duinen tussen Scheveningen en Den Haag.

De Duitse inval en de Slag om Den Haag (10 mei 1940)

Op 10 mei 1940 werd Nederland onverwacht aangevallen door de Duitse troepen. Jan maakte dit van dichtbij mee: in de vroege ochtend zag hij Duitse vliegtuigen overvliegen en werd zijn kazerne gebombardeerd. In een brief aan zijn familie schreef hij over de chaos en paniek die ontstond. Er vielen veel slachtoffers onder zijn eenheid: drie korporaals en 63 huzaren kwamen om het leven, terwijl 150 anderen gewond raakten. De bombardementen verwoestten het stallencomplex en meer dan 100 cavaleriepaarden moesten worden afgemaakt. Jan zelf wist te overleven en bleef nog drie weken in de kazerne voordat hij naar huis mocht.

Onderduik en verzet

In de loop van de oorlog raakte de familie Somsen steeds meer betrokken bij het verzet. Vanaf 1943 boden ze onderdak aan zes onderduikers op boerderij ‘De Snieder’, waaronder een Joodse man en enkele jonge mannen die zich wilden onttrekken aan de Arbeitseinsatz. De boerderij werd een verzamelplaats voor verzetshaarden en er werden zelfs kerkdiensten gehouden.

Jan sloot zich in de laatste fase van de oorlog actief aan bij het ondergrondse verzet in Aalten. Hij hielp met het ophalen en vervoeren van wapens die via droppings door de geallieerden in de Achterhoek werden afgezet. Samen met een kleine verzetsgroep opereerde hij vanuit boerderij ‘Spölman’ in Lintelo. Een van de leiders van deze groep, ‘Zwarte Jan’, organiseerde de distributie van de wapens, die verstopt werden onder stro en verspreid over de regio om de lokale verzetsgroepen te bewapenen.

Gevechten en risico’s

Het werk in het verzet was gevaarlijk. In een confrontatie met Duitse militairen bij boerderij ‘Meihuis’ werd een verzetsstrijder, Herman Huinink, dodelijk getroffen. Jan en zijn kameraden moesten zich schietend een weg naar veiligheid banen, terwijl de Duitsers rookgordijnen legden om te ontsnappen. Uiteindelijk werden de Duitsers gevangengenomen door de verzetsgroep. Jan was één van de dragers van Huininks kist bij zijn begrafenis op 4 april 1945 in Aalten.

Bevrijding en NDB

Jan Somsen werd na de bevrijding aangesteld als opvolgend groepscommandant van het strijdend gedeelte van de Binnenlandse Strijdkrachten (BS). Hij kreeg een blauwe overall met een oranje mouwband als uniform en trad op 15 april 1945 toe tot Dutch National Battalion.

Erkenning en nalatenschap

Na de oorlog ontving Jan Somsen op 6 mei 1946 een medaille en oorkonde als erkenning voor zijn inzet bij de bevrijding van Nederland, uitgereikt door het Dutch National Battalion en het First Canadian Corps. Deze herinneringsstukken hingen jarenlang in de voorkamer van boerderij ‘De Snieder’.

Jan sprak na de oorlog zelden over zijn ervaringen. Hij had zichtbaar moeite om over de gruwelen en de gevaren te praten. Pas later kwamen documenten, brieven en foto’s boven water die zijn bijdrage aan de oorlog belichtten. Zijn zoon Erik Somsen heeft deze herinneringen later op papier gezet.

Jan Somsen

Jan Somsen en Henk Westerveld